Gepost door: Voestermans and Verheggen | 28 november, 2016

Identiteit is hot

Identiteit is hot, maar daarmee ook een heet hangijzer. De zwarte pieten beweging, de discussie over ‘white privilege’, en ‘cultural appropriation’ (het zich toe-eigenen van culturele kenmerken of eigenschappen zonder ooit iets van wat die kenmerken of eigenschappen aan last met zich meebrengen ervaren te hebben; dus waar praat je over?) wijzen allemaal erop dat identiteit zeer gevoelig ligt. Zwart realiseert zich pas in deze tijd van heftig verzet tegen alles wat vreemd en gekleurd is, dat er altijd een wit heeft bestaan dat zich nooit hoefde te verantwoorden. Wit kreeg ongevraagd een head start op bijna elk gebied. Zwart kreeg nooit zomaar iets voor niets. Identitaire bewegingen zitten in de lift en zorgen voor nieuwe partijen, of het nu voor ouderen is of voor de gekleurde medelanders. Steeds gaat het om het eigen gezicht, de eigen groep, de eigen stijl, de eigenheid an sich. Met natuurlijk als groot gevaar: verdeeldheid. Als de ene groep zichzelf bevestigt tegenover een andere ontstaat er al gauw onenigheid over de vraag wie de piketpaaltjes mag slaan en grenzen mag stellen. Wie gaat zich aan wie aanpassen? 

Maar er is een nog groter gevaar: identiteit zorgt gemakkelijk voor een verdeel en heers politiek die de uitbuiting als gevolg van de neo-liberale politiek een handje helpt. Het probleem van de elite is niet dat zij het volk tegenover zich vindt dat ontevreden is over haar rol en functioneren, maar dat de elite zelf verdeeld is en voor een deel identitaire politiek bedrijft en daarvoor aanhang verwerft in eigen kring en onder het volk. Immers, door identitaire beginselen zoals de eigen moraal, de eigen religie, de eigen sekse of eigen seksuele variant in extremis te benadrukken en geen gemeenschappelijke taal te ontwikkelen voor deze thema’s (wat wel kan door het bijv. over spiritualiteit te hebben die breed aanspreekt en door het soort moreel esperanto te ontwikkelen, waar Paul Cliteur een voorzet voor heeft gegeven), kan steeds weer opnieuw de politieke aandacht moedwillig verplaatst worden naar de conflicten die ‘identiteit’ met zich meebrengt, in plaats van te werken aan de herverdeling van de welvaart en het verminderen van de ongelijkheid. Links heeft zich de bekommernis om deze zaken volledig uit handen laten slaan door zich excessief met ‘identiteit’ te bemoeien. Zodoende kwam er ruimte voor ‘allochtonenbeleid’ dat meer ging over behoud van cultuur dan over behoud voor iedereen van welzijn en welvaart. En wie gingen daar weer tegenin? Ja juist, de witte verongelijkte man en vrouw uit alle lagen van de bevolking. Niet eens zozeer om het geld, maar om het verlies van, jazeker, de eigen identiteit, onzeker als hij is van hoe lang hij die nog kan botvieren. Maar ook uit angst verworvenheden zoal vrouwenrechten en homohuwelijk etc. te verliezen; dat is ook meteen de ambivalentie.

We zien de gevolgen: brexit, Trump, Frankrijk aan de vooravond van de overname van het presidentschap door een identitaire beweging of in het andere geval van een verharding van het conservatisme waarin het eigen volk so wie so voorgaat (wit voert immers ook identiteitspolitiek), Duitsland in afwachting van het succes van een alternatief dat ook met identiteit aan de haal gaat in plaats van met echte problemen, Nederland idem dito. Sociale rechtvaardigheid en de ongewenste reproductie van machtsverhoudingen waarin gewone mensen kind van de rekening worden staan nauwelijks nog op de politieke agenda. In plaats daarvan zaaien identitaire bewegingen op de politieke flanken overal verdeeldheid die evenwel vooral de middenpartijen vermorzelen tussen bijvoorbeeld verongelijkte ouderen die hun heil zoeken in de bescherming van de verworven rechten, waarvan ze denken dat die op de tocht staan en gekleurde medemensen die overal witte privileges zien ook al hebben ze van iets vergelijkbaars geprofiteerd. Immers, hoe konden ze anders voor hun rechten opkomen dan door gebruik te maken van waarover de witte medemens vanzelfsprekend beschikt: scholing, huisvesting, sociale zekerheid om maar een paar zaken te noemen? De grote partijen hebben het gedaan omdat ze zich hebben mee laten slepen in discussies over cultuur en religie in plaats van op te komen voor de verbetering van de leefomstandigheden van de groepen voor wiens cultuur en religie ze zo gretig ruimte maken. Allemaal afleidingsmanoeuvres.

We moeten de raad van John Greenwood in zijn boek Realism, Identity and Emotion: Reclaiming Social Psychology opvolgen en niet langer meer het zelfstandig naamwoord identiteit gebruiken maar het maak-werkwoord ‘identying’, of te wel ‘identiteren’. Vanuit het werkwoord geredeneerd is iedereen bezig met zichzelf te profileren met behulp van alles wat iemand een eigen gezicht geeft: leeftijd, opleiding, sekse, geaardheid, plaats, tijd, geloof en etniciteit en wat al niet meer. Juist door van identiteit een activiteit te maken in plaats van een gegevenheid ga je beter letten op de voorwaarden waaronder dat zo begeerde eigen gezicht verworven kan worden. In Culture as Embodiment zeggen we het zo:

“Fortunately, people are members of different groups at the same time, certainly today. John Greenwood (1994) advocates the introduction of the term “identying.” The notion of identity no longer refers to some sort of state but to a collection of identity projects: active efforts to become who you want to be. Identying is possible because hardly anyone in modern society needs to remain fixed in their own group against their will. School, street, home, leisure, and work all comprise places and arrangements in which the styling of behaviors and experiences can be practiced, in order to fully profit from life in such a modern society”.

Dan komt ook de politieke agenda in het vizier die opgesteld moet worden voor het bereiken van een plaats voor iedereen. Het heeft geen zin de Marokkaan, Turk, oudere, vrouw of homo uit te spelen tegen de Nederlander, jongere, man of hetero als onduidelijk blijft wat er te winnen valt met de nadruk op identiteit. Voor je het weet krijgen we het over de wenselijkheid van deze of gene levensstijl in plaats van over wat het voor iedereen mogelijk moet maken zijn eigen roep te volgen. Voor je het weet staat het individu in dienst van de groep in plaats van omgekeerd dat de groep zorgt voor een optimalisering van de omstandigheden waaronder iedereen zichzelf kan zijn. Niemand kan zonder verbinding en aandacht. Daarvoor is de groep onontbeerlijk. Het scheppen van voorwaarden voor deze twee behoort op de politieke agenda en niet de ruimte voor deze of gene identiteitsbeweging waarin de enkeling wordt opgeslokt of gelijkgeschakeld. Dat zorgt alleen maar voor mist die het zicht op wat politiek kan worden bereikt vertroebelt. Immers, de macht kan deze bewegingen misbruiken voor louter eigen gewin. De ongelijkheid neemt toe en de machteloze onderkant zinkt nog dieper weg, terwijl de rijke bovenlaag terugschurkt in de zalige politieke lethargie van het goed zaken doen.

Paul Voestermans

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: