Gepost door: Voestermans and Verheggen | 18 augustus, 2017

Mannen in de Arabische wereld en Afrika

In een recent rapport over de positie van de man in de Arabische wereld en Afrika van Shereen El Feki, Brian Heilman en Gery Barker: Understanding masculinities. Results from the international men and gender equality survey – Middle East and North Africa. (Cairo and Washington D.C UN Women and Promodo-US. Zie hier het hele Rapport) wordt een verhelderend beeld geschetst van de problemen waarmee de mannen in deze regio’s worstelen. De Volkskrant van donderdag 17 augustus wijdde er een artikel aan. Het is een beeld waarin ook de contouren oplichten van een veranderend manbeeld. Weg van het traditionele machismo en hypermannelijkheid, weg ook van de hevige twijfels over zijn rol als kostwinner richting warmere banden met vrouwen en een zorgende functie in het gezin. Vaderschap komt traag maar gestaag in beeld, ook in deze gebieden. Natuurlijk zijn de clichés van geweld tegen vrouwen, hun verbanning uit het openbare leven, hun zwaar ondergeprivilegieerde positie en de blootstelling aan de dreiging van groepsverkrachting meer dan waar, maar het wordt ook duidelijk waar de oorzaak gezocht moet worden. Die ligt in de stuwing van jonge mannen, de zogenaamde ‘youth bulge’, het lastig te hanteren overschot aan gezonde jonge mannen met nauwelijks enig perspectief op een baan en op de zo begeerde rol van kostwinner. Dit citaat maakt het duidelijk: “In Morocco, Palestine, and Egypt, younger men’s views on gender equality do not differ substantially from those of older men. Why are younger men in these countries not showing the same movement toward supporting women’s equality as younger men in many other parts of the world? The reasons are multiple and dependent on the specific country context. Many young men
in these three countries report diffculties finding a job, and as such, they struggle to achieve the socially recognized sense of a man as financial provider. This struggle may be producing a backlash against gender equality. Young men’s inequitable views may also be a result of a general climate of religious conservatism under which the younger generation has come of age. While other research in the region has noted similar trends and posited similar drivers, further study is necessary to explore this phenomenon”.

 

Bij alle gedragswetenschappelijke verklaringen en politicologische analyses blijft de vraag waaraan de westerse wereld zijn relatieve vrouwvriendelijkheid ontleent. Vanzelfsprekend is lang niet alles tussen de seksen koek en ei, maar toch is er in het Westen iets unieks gebeurd.

 

Nergens anders werden patriarchale structuren zo ingrijpend doorbroken als juist in de westerse wereld. Al vanaf de dertiende eeuw werden door twee Middeleeuwse pausen zoals we straks zullen zien de gezagsstructuren rond de vader en hoofd van de familie ter discussie gesteld ten gunste van de zeggenschap van het paar zelf over hoe ze samen door het leven willen gaan. 
Wat moeten we aan met dit stuk geschiedenis? Is het niet weer zo’n oud verhaal dat als je goed kijkt toch wel heel weinig sporen heeft achtergelaten? Is dat doorbreken wel zo geslaagd geweest? Er is immers ook in dit deel van de wereld nog veel mannelijk vertoon en mannelijk geweld.

 

Ongetwijfeld! Toch werd nergens anders zo vroeg al paal en perk gesteld aan het patriarchale gezag. Het heeft geleid tot arrangementen rond huwelijk en gezin die nergens anders op die manier hebben plaatsgevonden en dat heeft toch een spoor getrokken waar ook andere beschavingen zich langs zullen moeten bewegen willen ze recht doen aan vijftig procent van de mensheid: de vrouwen.

 

Fukuyama maakt deze ontwikkeling niet voor niets tot een kantelpunt in het eerste deel van zijn geschiedenis van politieke systemen. Het had op een unieke wijze zowel economische als sociale gevolgen. Het paar werd hier in het Westen al in de Middeleeuwen een belangrijke economische eenheid, los van de familiestructuur die tot dan toe het vaderlijk gezag als kern had. Dat werd nu het paar op zich, los van de vader. Wie zich er een beeld van wil vormen moet even terugdenken aan hoe Romeo en Julia in het geheim trouwden met behulp van een priester die daartoe zonder meer bevoegd was en daarbij beide vaders niet hoefde te raadplegen.

 

De zelfstandigheid van het paar die het gevolg was van dit arrangement betekende een enorme stimulans voor de huisnijverheid. Daarvan zeggen de historici – onder hen Christopher Bayly, maar ook Jan de Vries en Ad van der Woude – dat in het begin van de moderne tijd de revolutie die door de huisnijverheid in gang werd gezet, die van de industrie – de standaard Industriële Revolutie – in economische zin evenaarde.

 

Vergeleken met de economische waren de sociale gevolgen minder eenduidig. De oude patriarchale structuren gaven zich niet zomaar gewonnen. Zeker niet in het Latijnse deel van Europa. Maar de kiem voor verandering was gelegd. Het gaat met name om een heel belangrijke juridische ontwikkeling. Deze begon met de kerkrechtelijke bepaling door paus Alexander III (1159-1181) en paus Gregorius IX (1145-1241) dat alleen op basis van wederzijdse instemming van het paar zelf een huwelijk kon worden gesloten. Vader werd op een zijspoor gezet. Let op, juridisch! Dat zorgde voor een belangrijke inbreuk op het patriarchale gezag, die zich nergens anders op die manier heeft voltrokken. Het mannelijke gezag gaf zich vanzelfsprekend niet zomaar gewonnen. Daarvoor was veel meer nodig, maar het begin was gemaakt en dat schiep uiteindelijk bijzondere voorwaarden voor de toenemende vrijheid van met name de vrouw. De details zijn te vinden in het alleraardigste beknopte boekje dat een heruitgave verdient van Tine de Moor & Jan Luiten van Zanden, Vrouwen en de geboorte van het kapitalisme in West-Europa. (Het boekje is uitgegeven bij Boom in 2006. De link die ik hierboven geef is naar een engelstalige voorstudie)

 

Wat het Europese Huwelijkspatroon is komen te heten heeft verregaande gevolgen gehad voor de ontwikkeling van vrije partnerkeuze en de afbraak van de ouderlijke bemoeienis ermee. Ik zeg niet dat daardoor de leefwereld meteen overal en voor iedereen in het Westen veranderde, maar deze voor beide seksen belangrijke persoonlijk vrijheid maakte wel veel creativiteit los en dat is te merken tot op de dag van vandaag, als je kijkt naar hoe in het Westen mannen en als paar tamelijk vrij en op zichzelf hun leven inrichten en een plek creëren waar hun kinderen voorspoedig kunnen opgroeien.

 

We moeten ook niet vergeten dat drie op deze Middeleeuwse en Vroegmoderne ontwikkeling volgende emancipatiebewegingen de positie van de vrouw in het Noord-Atlantisch gebied op unieke wijze hebben versterkt.

 

(1) In de nasleep van de Franse Revolutie werd het mannelijke romantische verlangen scherp door vrouwen gekritiseerd in de eerste emancipatorische golf. Romantische dichters bezongen de vrouw maar voor de kinderen die ervan kwamen namen ze onvoldoende verantwoordelijkheid. Dat werd scherp op de korrel genomen door vrouwen die niet op dit soort romantisch sentiment van mannen zaten te wachten. Een en ander staat mooi beschreven in William Leach True Love and Perfect Union, een boek uit 1989 maar ook in Richard Holmes, De Feministe en de Filosoof, uit 1988.

(2) In de tweede golf ging het vooral over vrouwenkiesrecht. Dit recht luidde het begin in van een groot aantal juridische veranderingen in de verhouding tussen de seksen. Maar het heeft vooral gelijkberechtiging in meer dan juridisch opzicht in gang gezet.

(3) In de derde golf uit de jaren zestig van de vorige eeuw stond de seksuele bevrijding centraal. De resultaten van deze golf waren dubbelzinnig. De seksuele bevrijding werkte lang niet altijd in het voordeel van vrouwen omdat de pil als technische innovatie vooral de mannelijke vormgeving aan seks een boost gaf. Daarmee werd ook meteen de keerzijde van de bevrijding duidelijk. Maar het kan niet ontkend worden dat in deze tegenreactie het vrouwelijk verlangen en de vrouwelijke vormgeving aan seks nog nooit zo prominent op de agenda is gezet.

 

Dit is in zijn geheel voorbij gegaan aan de andere grote beschavingsoffensieven die bijvoorbeeld door Samuel Huntington als alternatief voor de westerse worden opgevoerd en in aanhang niet onderdoen voor het Westen: de Islamitische, de Confuciaanse, de Boeddhistisch/Hindoeïstische en de Japans-Shintoïstische. Er zijn natuurlijk meer beschavingsvormen, bijvoorbeeld in Afrika en Latijns-Amerika, maar die hebben geen grootschalig wervend offensief opgeleverd. In geen van deze beschavingen is de man zo van zijn voetstuk gestoten als in onze kringen en dat al vanaf de Middeleeuwen.

 

Als op dit historische verhaal wordt afgedongen in termen van een slechte record in ons deel van de wereld voor wat betreft vrouwenrechten, vrouwelijke vormgeving aan het leven in het algemeen en de nog steeds niet afdoende bestreden mannelijke suprematie, is dat iets waaraan nog met succes gewerkt kan worden, en niet iets om alleen maar teleurgesteld over te zijn.

 

Legt dat een verplichting op de schouders van de westerse man? Absoluut. Hier valt iets te verdedigen dat teruggaat op een lange voorgeschiedenis. Die kan benut worden en andere beschavingen worden voorgehouden. Hier past geen cultuurrelativisme omdat het over voordelen voor zeker de helft van de mensheid gaat. Deze vrouwelijke helft is wereldwijd gediend met deze unieke westerse ontwikkeling.

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: